Verwachting KRW maat­re­gelen en doelen Reeuwijkse Plassen


Indiendatum: sep. 2012

De Partij voor de Dieren heeft (aanvullende) vragen gesteld met betrekking tot de KRW maatregelen in en om de Reeuwijkse Plassen:
1. Is het complex van maatregelen voldoende om de doelen van de KRW binnen bereik te krijgen en zo ja in welke tijdsperiode?
2. Wat is de huidige externe fosfor belasting?
3. Wat is de verwachte fosfor belasting na het nemen van de maatregelen?
4. Is dat een belasting waarbij de verwachting ‘helder water’ hoort?
5. Wat is de verwachting van aanpak van de interne belasting (is in Groot Vogelenzang al eens gebeurd)?
6. Wat is eigenlijk de verwachting van de aanleg van de natuurvriendelijke oevers en op welk compartiment van de KRW?

Indiendatum: sep. 2012
Antwoorddatum: 23 okt. 2012

Is het complex van maatregelen voldoende om de doelen van de KRW binnen bereik te krijgen en zo ja in welke tijdsperiode?
Waterkwaliteit is een minder exacte wetenschap, dan bijvoorbeeld waterveiligheid. Bij het vaststellen van het uitvoeringsplan Reeuwijkse plassen en omgeving in 2009 was bekend dat de relatie tussen maatregel en effect niet precies duidelijk is. Dat geldt niet alleen voor Rijnland, maar Nederlandbreed voor de KRW. Wat wel duidelijk is dat de huidige maatregelen no regret-maatregelen zijn, die sowieso nodig zijn. In 2009 is gediscussieerd over een programmatische aanpak, stapje voor stapje (doelenprogramma). Er is toen besloten, niet te blijven onderzoeken, maar te doen (learning by doing) (maatregelprogramma). In het oorspronkelijke plan is daarom ook sprake van een tweede fase na 2014, waar op basis van de resultaten (hoeveel heeft het tot dusver geholpen t.o.v. maatlat parameters) gekeken wordt naar de benodigde vervolgmaatregelen om uiteindelijk de KRW-doelen te halen. Voor 2015 hebben we ons richting Brussel gecommitteerd aan het uitvoeren van de maatregelen (niet de achterliggende doelen) in het uitvoeringsplan. Bij de Rijnlandbrede aanpak voor KRW fase 2 wordt ook Reeuwijk opnieuw onder de loep genomen. Inmiddels is er steeds meer bekend over de maatregel-effect-relatie, ondermeer door het zgn. stuur- en volgsysteem. Deze nieuwe kennis wordt bij KRW fase 2 meegenomen.

De vragen hieronder zijn beantwoord met de nieuwste inzichten in de fosfaatbelasting. Hierbij is gebruikt gemaakt van state of the art-methoden. Kanttekening hierbij blijft dat de getallen nog steeds een aanzienlijke onzekerheidsmarge hebben.

Wat is de huidige externe fosfor belasting?
De geschatte externe belasting op de Reeuwijkse Plassen voor de maatregelen is 0,25 gP/m2.jaar.

Wat is de verwachte fosfor belasting na het nemen van de maatregelen?
De geschatte externe belasting op de Reeuwijkse Plassen na uitvoering van de maatregelen is 0,06 gP/m2.jaar. De externe belasting neemt dus met maar liefst 75% af door de maatregelen.

Is dat een belasting waarbij de verwachting ‘helder water’ hoort?
De kritische externe belasting wordt inderdaad naar verwachting door de maatregelen onderschreden. Deze bedraagt ca 0,1 gP./m2.jaar. Aangezien ook sprake is van nalevering van nutriënten uit de waterbodem, is daarmee niet gezegd dat de Reeuwijkse plassen ook meteen helder worden.
Over deze nalevering bestaat wetenschappelijk minder duidelijkheid. In de plassen Sloene en Klein Vogelenzang gaan we daar al wel mee aan de slag (zie ook hieronder). Deze plassen zijn mede uitgekozen, omdat uit waterkwaliteits- en waterbodemanalyses gebleken is, dat het probleem met nalevering hier het grootst is. De maatregelen in deze plassen hebben een meer innovatief karakter. Op basis van de resultaten van deze projecten kan besloten worden over de vervolgaanpak voor de andere Reeuwijkse Plassen (KRW fase 2).

Wat is de verwachting van aanpak van de interne belasting?
Antwoord: De verwachting van de interne belasting in Klein Vogelenzang is dat door verwijderen van het slib en zo nodig vastleggen van het overige fosfor de plas zal omslaan van een troebel naar een helder systeem. Het doorzicht is nu laag (25 cm) en verwacht wordt dat deze door de ingreep toeneemt met minimaal 100% (50 cm) of meer.
IJzerdosering in Sloene zal naar verwachting de fosforconcentraties sterk verlagen en daarmee drijflagen van cyanobacteriën in deze plas doen afnemen of verdwijnen. Ook zal het doorzicht in de zomer hoger worden. De plas is nu betrekkelijk geïsoleerd en hoe meer dit het geval is, hoe effectiever deze maatregel zal zijn. De succesvolle ervaringen van Waternet worden gebruikt in deze toepassing, zowel in de vorm van materiaal als ervaring van deskundigen. Naast experts van Waternet betreft dit mensen van universiteiten, onderzoeksinstituten (Deltares) en adviesbureaus. Deze expertgroep wordt ook bij Klein Vogelenzang ingezet.
De injectie van ijzerchloride in Groot-Vogelenzang in de vorige eeuw had te weinig effect door de snelle instroming van water uit de rest van de plassen. De plas was onvoldoende geïsoleerd en nam na verloop van tijd weer de eigenschappen aan van het inkomend water en slib. In de huidige ingreep wordt eerst de externe bron van het fosfor in Klein Vogelenzang verwijderd door de plas (doorvaarbaar) te isoleren.

Wat is eigenlijk de verwachting van de aanleg van de natuurvriendelijke oevers en op welk compartiment van de KRW?
Antwoord: De KRW hanteert bij de beoordeling 4 kwaliteitselementen: planten, algen, macrofauna en vis. De fysische chemie (waaronder de nutriënten) is een zogenaamde ecologie ondersteunende parameter. Voor een “goed ecologisch potentieel” is het noodzakelijk dat de vier kwaliteitselementen “goed” scoren.
Natuurvriendelijke oevers werken voor de 4 kwaliteitselementen als volgt:
- Planten: meer natuurvriendelijke oever zorgt voor een hogere bedekkingsgraad met waterplanten en daarmee voor een hogere beoordeling. Daarnaast stijgt de soortenrijkdom, wat ook positief in de beoordeling doorwerkt;
- Algen: natuurvriendelijke oevers dragen er mogelijk aan bij dat de nutriëntgehaltes van het water wat dalen. Daardoor daalt de algengroei, wat positief is voor de score voor algen;
- Macrofauna: deze waterdieren leven vooral in-, op- en om planten. In een plantenrijk water komen meer dieren voor .Dat is positief voor de beoordeling voor macrofauna;
- Vis: vissen profiteren van planten omdat ze hierop hun eieren afzetten, de planten bieden schuilgelegenheid aan jonge vis en aan macrofauna samen zijn ze een bron van voedsel voor vis en andere dieren. Verder bieden planten schuilgelegenheid voor vissoorten die prederen op bodemwoelers Plantengroei heeft daarmee een positief effect op de beoordeling voor vis.

De verwachting is dus dat we door de aanleg van de oevers op deze 4 elementen “goed” zullen scoren.

Interessant voor jou

Wat gaat Rijnland doen om imidacloprid terug te dringen?

Lees verder

Technische vragen bij Nota Muskusrattenbeheer 2012 -2015

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer